MUUROVERNAME


Muurovername

Wat?

In het Burgerlijk Wetboek onder de artikels 653 en 661 staat beschreven wat er verstaan wordt onder een gemene muur. Een gemene muur is gemeen als aan volgende voorwaarden is voldaan:

  • Muur is gebouwd op de scheidingslijn tussen twee aanpalende eigendommen;
  • De muur in mede-eigendom toe behoort aan de eigenaars van de gescheiden erven door de muur.
Wanneer?

Indien uit voorafgaandelijk onderzoek blijkt dat u geen mede-eigenaar bent van de muur, dient u de muur over te nemen (= overnemer). De overnemer is dan een vergoeding verschuldigd aan de overlater (= eigenaar van de muur). U dient enkel het gedeelte van de muur over te nemen welke u effectief in gebruik gaat nemen, na de overname ervan.

Bent u reeds mede-eigenaar van de muur maar gaat u een bijkomend gedeelte van de muur in gebruik nemen omwille van uitbreidingsplannen dient u het bijkomende gedeelte van de muur eveneens over te nemen alvorens in gebruik te nemen.

Vergoeding?

De vergoedingen van de muurovername wordt bepaald rekening houdend met de bestaande toestand van de muur evenals de ouderdom van de muur en dit volgens de geldende tarieven.

Indien de muur voor de helft gebouwd is op de eigendom van de overnemer dan bedraagt de vergoeding de helft van de waarde van het gemeen te maken deel van de muur.

Indien de muur volledig is gebouwd op de eigendom van de overlater dan bedraagt de vergoeding de helft van de waarde van het gemeen te maken deel van de muur vermeerderd met de grondwaarde waarop de muur is gebouwd.

Bijkomende informatie of een vrijblijvende offerte.

Artikels uit het Burgerlijk Wetboek:

Artikel 653

In de steden en op het platteland wordt iedere muur vermoed gemeen te zijn, wanneer hij tot scheiding dient tussen gebouwen, en dan tot aan het minst verheven dak, of nog wanneer hij tot scheiding dient tussen binnenplaatsen en tuinen, en zelfs tussen omheinde erven in de velden; een en ander indien er titel noch teken is van het tegendeel.

Artikel 654

Een teken dat een scheidsmuur niet gemeen is, is aanwezig wanneer het bovenste van de muur aan de ene kant opstaande is en loodrecht op het voetstuk, en aan de andere kant schuin afloopt;

Eveneens, wanneer er zich slechts aan één zijde, hetzij een kap, hetzij stenen lijsten en karbelen bevinden, die daar bij het bouwen van de muur zijn geplaatst.

In die gevallen wordt de muur geacht uitsluitend toe te behoren aan de eigenaar aan wiens zijde de drop is of de stenen karbelen en lijsten zich bevinden.

Artikel 655

Het herstellen en het wederopbouwen van de gemene muur komen ten laste van allen die op de muur recht hebben, en zulks naar evenredigheid van ieders recht.

Artikel 661

Ieder eigenaar van een erf dat paalt aan een muur, heeft ook het recht om die muur geheel of gedeeltelijk gemeen te maken, mits hij aan de eigenaar van de muur de helft vergoedt van zijn waarde ofwel de helft van de waarde van het gedeelte dat hij gemeen wil maken, en de helft van de waarde van de grond waarop de muur gebouwd is.